Pieter van den Heuvel: het vergeten verzetsslachtoffer uit Oostzaan

Oostzaan telt één verzetsman wiens leven eindigde voor het vuurpeloton. Maar vreemd genoeg ontbreekt in zijn woonplaats elke herinnering aan Pieter van den Heuvel.

Ik ontdekte zijn naam bij toeval, in december 2016. Pieter van den Heuvel uit Oostzaan zou een verzetsman zijn geweest die op 19 november 1942 in Soesterberg werd gefusilleerd, samen met 32 anderen. De nog maar 26-jarige machinebankwerker behoorde daarmee tot de eerste Zaankanters die in de bezettingstijd ter dood werden veroordeeld en zou de enige Oostzaner blijven die dat lot onderging. Maar wie was hij? En waarom kreeg hij de kogel?

Volgens de Erelijst van gevallenen kwam Pieter van den Heuvel op 10 december 1915 ter wereld in Haarlem. De website van de Oorlogsgravenstichting noemt echter Vlaardingen als geboorteplaats. Die laatstgenoemde gemeente stemt overeen met zijn in Oostzaan opgemaakte overlijdensakte.

In de marge van deze akte heeft gemeentesecretaris Marcelis C. Beerling (die tijdens de oorlog zelf ook in het verzet actief was) geschreven: “Let wel, 1942!! Terechtgesteld, illegaal werker.” De doodsoorzaak was dus bekend in Oostzaan. Op de overlijdensakte is ook te lezen  dat Pieter gehuwd was met Wilhelmina Alida Bertholee en werkte als machinebankwerker. Dat beroep wordt bevestigd in het Zaanse adresboek van 1941. Pieter woonde destijds met zijn echtgenote op het Zuideinde A 202A. Waarschijnlijk was dat hun thuisbasis sinds 1938.

Het zijn de enige verwijzingen naar Oostzaan. Een antwoord naar het waarom van zijn voortijdige en gewelddadige dood is daarmee echter nog niet gegeven. In het boekje Waar recht tot onrecht wordt, wordt verzet een plicht. Verhalen van Oostzaners uit de Tweede Wereldoorlog is niets te vinden over Pieter van den Heuvel. Op de twee oorlogsmonumenten die Oostzaan telt, ontbreekt zijn naam eveneens. De enige verzetsman uit het dorp die zijn weerstand met de dood moest bekopen, lijkt weggevaagd te zijn uit de Oostzaanse geschiedenis.

In de teksten over de ’33 van Soesterberg’ die over het internet zwerven is alleen te vinden dat Pieter van den Heuvel één van de twee gefusilleerden was ‘die afzonderlijk verzetsactiviteiten hadden bedreven en niet tot enige verzetsgroep hadden behoord’. Zo staat het ook op de herinneringsplaquette in Soesterberg waarop de 33 geëxecuteerde mannen worden genoemd.

Het laatste spoor van Pieter van den Heuvel uit de tijd dat hij nog op vrije voeten was, is te lezen in een Amsterdams politierapport de dato 23 oktober 1941. Hij deed toen aangifte van een gestolen fiets ‘voor perceel v. Oldenbarneveldstr. 16’, een woning in de Amsterdamse Staatsliedenbuurt.

In het boekje De drieëndertig van Soesterberg (1974) is nauwelijks meer te vinden over Van den Heuvel. Wel wordt daarin het een en ander verteld over de andere mannen met wie hij voor het vuurpeloton stond. Het waren leden van verschillende verzetsgroepen; het Oranjevendel (vier leden), een groep Amsterdamse communisten (dertien leden, onder wie de aanjager van de Februaristaking, Willem Kraan) en veertien vertegenwoordigers van een verzetsorganisatie uit de regio Deventer/Terwolde/Twello/Voorst. Naast Van den Heuvel was er nog één andere gevangene die niet aan bovenstaande groepen gekoppeld kon worden.

De auteurs van De drieëndertig van Soesterberg haalden alleen Van den Heuvels personalia aan en voegden verder, bij gebrek aan informatie, slechts twee zinnen toe: “Hij woonde te Oostzaan en was actief in het plegen van verzetsdaden, doch behoorde niet tot een plaatselijke verzetsorganisatie. Zijn arrestatie, waarvan de datum ons onbekend gebleven is, heeft niet in zijn woonplaats plaatsgevonden.”

De 33 mochten afscheidsbrieven schrijven alvorens op 19 november 1942 naar vliegveld Soesterberg te worden vervoerd. Onder meer een afscheidsbrief van Februaristaker Pieter van Heijninge bleef bewaard.

De fusillade van de 33 mannen vond ‘s middags plaats bij de schietbaan naast het vliegveld. De terdoodveroordeelden stonden opgesteld voor de flank van een aarden kogelvanger toen de schoten vielen. Kort na de bevrijding werden hun lichamen teruggevonden. Op die plek verrees nadien een ruwhouten kruis met het opschrift: “Hier werden vele Nederlanders door Duitse hand gefusilleerd.” Elk jaar is bij dat monument op 4 mei een herdenkingsplechtigheid.

Op 21 maart 1991 vond in Twiske-Oost, een wijk in Amsterdam-Noord die grenst aan Oostzaan, de onthulling plaats van elf straten die vernoemd waren naar omgebrachte verzetsmensen. Het waren veelal (communistische) Februaristakers en een aantal van hen werkte bij vliegtuigbouwer Fokker. Pieter A. van Heijninge kreeg een eigen straat, Pieter van den Heuvel een pad. Op de website museumamsterdamnoord.nl is wat meer te lezen over de aanleiding om ook Van den Heuvel te vernoemen. “Pieter van den Heuvel, 10 december 1915, werkte bij Fokker. Hij was lid van de bedrijfssabotagegroep, was betrokken bij de Februaristaking en verspreidde illegaal materiaal. Hij werd gearresteerd op 21 maart 1942, op 29 juli 1942 ter dood veroordeeld en op 19 november 1942 te Soesterberg gefusilleerd.”

Van bijna alle verzetsstrijders die op die novembermiddag van 1942 werden vermoord, is bekend waarom dat hun lot werd. Over Pieter van den Heuvel leken alleen wat informatieflarden te zijn overgeleverd. Hij is opnieuw ter aarde besteld op de begraafplaats Nieuwe Ooster in Amsterdam. Daar eindigde het spoor.

Tot 2020, toen het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis (IISG) een deel van het CPN-archief openbaarde. Tussen alle oorlogsstukken zaten ook een paar velletjes over Pieter van den Heuvel. Waaronder informatie die was bedoeld voor een, uiteindelijk nooit uitgegeven, gedenkboek voor de gevallenen van de communistische partij en haar sympathisanten.

Op een van de documenten heeft een familielid van de machinebankwerker zijn personalia ingevuld. Zijn ‘laatste werkelijke woonplaats’ blijkt inderdaad Oostzaan te zijn geweest. Hij is doodgeschoten vanwege ‘sabotage Fokker’, zijn werkgever. En hij blijkt in zijn woonplaats te zijn gearresteerd, op 21 maart 1942. Daarna volgde de gevangenis in Amsterdam (‘Amstelveenscheweg’) en Utrecht (‘Gansstraat’). Zijn weduwe, Willy Bertholee, woonde op het moment dat het formulier werd ingevuld niet meer in Oostzaan. Ze was naar de Amersfoortse Prins Frederiklaan verhuisd.

Op de achterkant van het stuk heeft iemand met een pen een minibiografie over Pieter van den Heuvel geschreven. “Na vanaf zijn 17e gevaren te hebben, hij was altijd al bezield door de communistische gedachte, werd hij op zijn plusminus 20ste jaar lid van de partij en [met] 22 jaar is hij korte tijd voorzitter geweest van de [communistische] Jeugd Ver. ‘Tempo’. Hij was 24 jaar toen de oorlog uitbrak en gelijk is hij eigenlijk begonnen met illegaal werk, wat nog intensiever werd na de Februaristaking. Tot 21.3.’42 heeft hij allerlei gedaan, o.a. brand bij Fokker. Toen werd hij gearresteerd. Tot het laatst aan toe is hij van de komst van het socialisme overtuigd geweest.”

Er resteert één papiertje in zijn dossier. En daarop krijgt Pieter van den Heuvel eindelijk een gezicht, in de vorm van een pasfotootje. Nu alleen nog de erkenning die hij mijns inziens verdient in Oostzaan, zijn woonplaats tot aan het moment dat hij in etappes op weg ging naar zijn executie.

De informatie over Pieter van den Heuvel blijft vooralsnog summier. Ik houd me aanbevolen voor meer gegevens: info@schaapschrijft.nl.

Nieuwe Oosterbegraafplaats, Amsterdam

(Met dank aan Wim Beerman)

2 antwoorden
  1. Arend Nunnink
    Arend Nunnink zegt:

    Onlangs merkte ik op dat er in Amsterdam-Noord, nabij de Lange Vonder een straat naar Pieter van den Heuvel is vernoemd. Weliswaar niet in Oostzaan zelf, maar niet ver ervandaan.

    Beantwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Laat een reactie achter aan Arend Nunnink Antwoord annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.